TERUG

Synopsis

The marry-go-round

Een kleurige carrousel draait langzaam z'n rondjes in een kaal, dor landschap. In de carrousel deint een interieur met salontafel, boekenkast, televisiemeubel en luie stoelen sloom op en neer.

Joop, een saaie veertiger, hangt in zijn stoel. Op zijn schoot ligt een opengeslagen boek. Naast hem zit zijn mooie, witte barbiepop, intussen versleten door al het geknuffel van Joop. In de boekenkast staan boeken vol met konijnen en op het televisiemeubel tikt rustig een klokje.
Joop lijkt tevreden met zij

Joop houdt van zijn barbie, maar ergens knaagt er iets....

Tot hij verder leest in zijn boek. Hij ontdekt een bladzijde met nieuwe inhoud.
Tussen alle konijntjes is een afbeelding van een prachtig, geel vogeltje te zien. Verrast springt hij overeind, zoiets moois heeft hij nog nooit gezien! Zijn bril valt van z'n neus. Hij bukt zich en tast op zijn knieën in het rond, de bril is op de neus van zijn barbie beland. Hij hoopt dat zij het vogeltje niet heeft gezien. Stiekem bladert hij verder door zijn boek, maar kan de afbeelding met het vogeltje niet meer terugvinden.

Teleurgesteld zet hij de televisie aan. Al zappend ziet hij op elk net afbeeldingen van konijnen. Anders dan normaal voelt hij irritatie, hij zoekt gehaast verder. In een flits ziet Joop het vogeltje, maar heeft al verder gezapt. Als hij naar het vorige net wil gaan, is de afstandsbediening verdwenen. Hij kijkt verdwaasd naar zijn hand en daarna om zich heen. Hij trekt een vies gezicht: de afstandsbediening ligt tussen bonbons die in konijnenkeutels zijn veranderd en de televisie toont een keutelend konijn. Joop stoot vol walging het schaaltje van tafel. De televisie springt op een ander net en toont een konijn met gele vogelveertjes in zijn bek. Joop verstart!

Hij kijkt op als hij buiten de carrousel een vogel hoort fluiten. Overal waar het beestje neerstrijkt ontstaan kleurige bloemen in het grauwe landschap. Opgelucht en gefascineerd volgt Joop het vogeltje. Hij staat op om naar de rand van de carrousel te lopen, maar wordt tot zijn ontzetting terug geslingerd in zijn stoel omdat de carrousel steeds sneller gaat draaien. Zijn barbie ligt opeens op zijn schoot. Joop kijkt verbaasd naar de barbie, maar ze glijdt van zijn schoot. Hij kijkt haar vertederd aan. Op het moment dat hij haar op wil pakken om te knuffelen hoort hij het vogelgefluit heel dichtbij. Vlak boven hem fladdert het vogeltje dat hem lijkt te wenken. Joop vergeet de barbie en met moeite wringt hij zich uit zijn stoel. Hij loopt wankelend, alles omver stotend, door de carrousel. Zo dicht bij de rand heeft hij zich nog nooit gewaagd. Zijn blik is gefixeerd op het vogeltje. Op het moment dat Joop naar buiten wil stappen vermenigvuldigen de spijlen zich ineens tot traliewerk. Het vogeltje trekt hem mee aan zijn stropdas, maar Joop blijft achter de tralies hangen. Hij pakt wanhopig twee spijlen van de carrousel vast, probeert deze uiteen te trekken en zich erdoorheen te wringen.

Plotseling bijt een wit konijn met rode ogen zich in zijn vingers vast. Joop schreeuwt en slingert het beest in een reflex tegen het plafond. Hierdoor komt de carroussel piepend tot stilstand. Joop verliest zijn evenwicht en valt achterover op de grond. Angstig zoekt hij het konijn maar vindt zijn
barbie in stukken op de grond. Hij bukt zich vol medelijden en raapt liefdevol zijn barbie op. Hij probeert haar te repareren. Opeens komt ze in zijn handen tot leven en opent haar ogen. Hetzelfde rood als van het witte konijn! Joop raakt helemaal overstuur en rukt haar ledematen af. Uit de gaten in haar romp ontstaan echter zwarte, harige poten en haar gezicht veroudert zienderogen. Hij laat dit wezen op de grond vallen en vlucht in zijn stoel. De spinvrouw loopt grijnzend op hem af en probeert een web om hem heen te spinnen. Joop schreeuwt in paniek.
Uit zijn mond klinkt een benauwd vogelgefluit.

Met een schok schrikt Joop zwetend wakker in zijn vinexhuiskamer. Zijn postzegelboek valt bijna van zijn schoot. Zijn vrouw, met de verouderde barbiekop, kijkt hem geïrriteerd aan. Naast hem draait een vogelkooitje heen en weer. Geschokt kijkt Joop op: zijn gele kanarie fladdert wanhopig en paniekerig tegen de tralies aan.
TERUG